Uitgeschreven tekst video
De verkiezing in 1980 van voormalig Hollywoodacteur Ronald Reagan tot president van de Verenigde Staten betekent het eind van het tijdperk Carter en een nieuwe fase in de Koude Oorlog. Carters mensenrechtenpolitiek is, alle goede bedoelingen ten spijt, op niets uitgelopen. Deze strookte niet met handelsbelangen, stuitte op verzet van het militair-industrieel complex, de CIA en het Pentagon. Wel is tijdens Carters bewind, na jarenlange onderhandelingen, SALT II tot stand gekomen, maar de Russische invasie in Afghanistan in december 1979, 6 maanden na de totstandkoming, maakt een abrupt einde aan deze afspraken over beperking van het aantal lanceerinstallaties.
Met de komst van Reagan naar het Witte Huis doet de meest anticommunistische regering sinds decennia z’n intrede. Met zijn koudeoorlogsretoriek bestempelt Reagan de Sovjet-Unie als ‘het Rijk van het Kwaad’. Hoewel de regering-Reagan heel goed op de hoogte is van de steeds grotere achterstand van de SU inzake militaire technologie, beweert het Witte Huis dat de SU op het punt staat de leiding in de Koude Oorlog over te nemen. Als in Polen in 1981 de protesterende vakbondsbeweging Solidarinosc door de regering wordt onderdrukt, volgen onmiddellijk handelsbeperkingen met de SU en ook op andere punten wordt hard opgetreden.
Bovendien begint met Reagan een nieuwe fase in de wapenwedloop. De defensie-uitgaven stijgen gigantisch. Voor de ontwikkeling van de B-2 Stealthbommenwerper wordt 44 miljard dollar uitgetrokken, daarnaast zullen de vloot en het aantal BI bommenwerpers worden uitgebreid. Tegelijkertijd verlaagt Reagan de belastingen voor met name de hogere inkomens, waardoor de staatsschuld tot grote hoogte stijgt. Deze ‘Reaganomics’ betekenen een economische tijdbom. Gevaarlijker nog is een nieuwe strategie op nucleair gebied, die gebaseerd is op de gedachte dat een atoomoorlog te winnen zou zijn. Zo zijn de middellange afstandsraketten, die in Europa gestationeerd zullen worden, niet bedoeld als vergeldingsmiddel bij een Russische nucleaire aanval, maar om het Rode Leger bij een ‘first strike’ te vernietigen. In combinatie met verklaringen van het hoofd van de civiele Amerikaanse verdediging, dat een nucleaire oorlog te overleven zou zijn mits er maar voldoende ondergrondse schuilkelders komen, wijst alles erop dat de VS zich aan het voorbereiden is op een nucleaire confrontatie met de Sovjet-Unie, één die de tegenstander definitief moet uitschakelen.
Achteraf weten we uit zijn memoires dat Reagan zelf niet geloofde in een nucleaire overwinning (‘crazy’) en geen serieuze intenties in die richting had. In de rest van de wereld, ook in het Kremlin, is men op dat moment echter overtuigd van het tegendeel.
In 1985 bedraagt het militaire budget van de VS bijna 295 miljard dollar, een verdubbeling sinds 1980. Intussen lanceert Reagan een nieuw ‘defensief’ systeem: het Strategic Defense Iniitative (SDI), een ruimtelijk wapenschild tegen Sovjetraketten, beter bekend als Starwars. Het systeem, bedoeld om intercontinentale langeafstandsraketten van de Russen te onderscheppen, zal het afschrikkingsevenwicht teniet doen en een daadwerkelijke nucleaire oorlog dichterbij brengen. De stap wordt door critici beschouwd als de meest extreme poging de détente teniet te doen. Waar men in het Kremlin jarenlang rekening heeft gehouden met Mutual Assured Destruction (MAD), worden nu de mogelijkheid van een eerste klap van de Amerikanen en een nucleaire vernietigingsoorlog angstaanjagend reëel.
Zowel in de VS als in de rest van de wereld ontstaan grote antikernwapenbewegingen. In Nederland zijn het voornemen om in Europa middellange afstandsraketten te plaatsen en de aangekondigde ontwikkeling van de neutronenbom, aanleiding voor een brede vredesbeweging. In 1983 demonstreerden maar liefst 500.000 mensen op het Malieveld in Den Haag tegen de komst van de kruisraketten. Het eindresultaat was dat ze in Nederland uiteindelijk niet geplaatst zouden worden.
De anticommunistische machtspolitiek van de Amerikanen beperkt zich niet tot een mogelijke aanval op de SU. Ook in haar achtertuin, Latijns-Amerika, probeert het Witte Huis haar invloed te behouden of uit te breiden. In het Midden-Oosten steunt de VS de Irakese dictator Saddam Hoessein met wapens en grondstoffen voor de vervaardiging van chemische wapens, in de oorlog tegen buurland Iran omwille van oliebelangen in de regio.
Dit alles verbleekt bij de geavanceerde wapens waarmee de VS de fundamentalistische Mujahedin-rebellen in Afghanistan tegen het Rode Leger steunt, dat daar in een even wrede als hopeloze strijd is verwikkeld. De Sovjetluchtmacht bombardeert talloze dorpen en doodt daarbij honderdduizenden Afghanen,terwijl anderen de vlucht nemen naar buurland Pakistan. Dit alles is koren op de molen van CIA-directeur William Casey. Voor de CIA en de Amerikaanse autoriteiten telt slechts één ding met betrekking tot de Mujahedin, waarvan Osama Bin Laden inmiddels deel uitmaakt, en haar Pakistaanse handlanger: dat ze anticommunistisch zijn.
De relatie tussen de supermachten is sinds het begin van de KO nooit zo slecht geweest. Toch is er op korte termijn verandering op komst: met de wisseling van de macht in het Kremlin en een nieuwe koers van Reagan, die behalve rabiaat anticommunist ook pragmaticus is.
1. Craig en Logevall, p. 315